Door onze verslaggeefster
ALTFORST - De Stichting Kerkje
Altforst doet een nieuwe zet om aannemelijk te maken dat zij de aangewezen
partij is het kerkje van Altforst over te nemen.
De stichting heeft zo’n twaalf
personen en bedrijven bereid gevonden om garant te staan voor de exploitatie
van het kerkje. Met elkaar staan zij garant voor een bedrag van 50.000 euro.
„Dat moet genoeg zijn voor de eerste jaren“, zegt Martin Collin, de voorzitter
van de stichting. Het betekent niet dat deze mensen dat geld ook daadwerkelijk
gaan betalen. De garantstellers worden alleen aangesproken als het mis mocht
gaan bij de exploitatie.
Het hervormde kerkje van Altforst staat sinds Pinksteren te koop voor 130.000
euro. Monumentenstichting Baet en Borgh wil er vanaf omdat het haar de
afgelopen jaren niet is gelukt subsidiegevers te vinden voor het onderhoud van
de kerk.
De gemeente West Maas en Waal heeft zich in principe bereid getoond mee te
willen werken aan het wijzigen van de bestemming van het kerkje in een
woonbestemming zodat het als woning kan worden gebruikt.
Dit tot ongenoegen van de Stichting Kerkje Altforst die het kerkje als
‘openbaar monument’ wil behouden voor het dorp en er culturele activiteiten wil
organiseren. Deze stichting wil echter geen geld betalen voor het kerkje omdat
Baet en Borgh de kerk ook heeft gekregen voor de symbolische prijs van één euro
en, volgens de stichting, daarna heeft opgeknapt met geld van subsidiegevers.
Om Baet en Borgh, het kerkbestuur en de gemeente West Maas en Waal ervan te
overtuigen dat zij de aangewezen partij is om het kerkje te exploiteren, is de
stichting op zoek gegaan naar mensen die zich garant willen stellen. De
bereidheid mee te doen aan het initiatief bleek groot. „Na twee uur rondbellen
hadden we diverse mensen en regionale bedrijven bereid gevonden“, aldus Collin.
De stichting heeft een verklaring op laten stellen bij de notaris waarin staat
wat de garantstelling precies betekent. Uitgangspunt blijft dat het kerkje
wordt verkregen voor de symbolische som van een euro. De stichting kan alleen
een beroep doen op de garantie op basis van een onderbouwde aanvraag en als
blijkt dat alle andere opties van de stichting om aan geld voor de exploitatie
van het kerkje te komen, uitgeput zijn.